Kansen creëren als gezamenlijke ambitie

Kansengelijkheid hoog op de agenda van Marenland en Noordkwartier scholen

Op woensdag 15 juni kwamen leerkrachten en schoolleiders van 26 scholen, studenten van de pabo en de Hanzehogeschool, leden van Kansrijke Groningers en de Gelijke Kansen Alliantie (GKA) en bestuurders van gemeente Eemsdelta samen tijdens de Onderwijsdag van Marenland en Noordkwartier. Vanuit het thema ‘Elk kind telt’ werd tijdens deze dag opnieuw aandacht voor kansen(on)gelijkheid in het onderwijs gevraagd.



De in totaal 350 aanwezigen luisterden naar ervaringsverhalen van drie oud-leerlingen en kregen inzicht in de cijfers m.b.t. schooladviezen dankzij een bijdrage van adjunct hoogleraar Onderwijswetenschappen Hanke Korpershoek. Ook Hans Spekman, directeur van het Jeugdeducatiefonds, gaf zijn visie op de kansenongelijkheid. De presentatie van de dag was in handen van schrijver Özcan Akyol, ook wel bekend als Eus, die zijn eigen ervaring met onderadvisering deelde. Tijdens een panelgesprek tussen Spekman, Korpershoek, wethouder Meindert Joostens, schooldirecteur Adolf Godlieb en Martine van der Pluijm van Thuis in Taal mocht ieder panellid zijn/haar ongezouten reactie geven op de stellingen van Eus. Tijdens het middagprogramma werden diverse workshops over het thema gegeven.



Een gevarieerde kijk op kansen(on)gelijkheid

Bestuurslid van Kansrijke Groningers Geert Bijleveld trapte de dag af met een treffende speech, waarin hij de kansenongelijkheid in onze regio nog eens aanstipte. “In het onderwijs telt elk kind. We zijn in Nederland nog steeds niet geslaagd om de kansengelijkheid voor elk kind hetzelfde te laten zijn. Het is en blijft een feit dat kinderen in onze regio minder kansen hebben dan die in andere gebieden. Dat is iets wat ons moet raken, maar we kunnen dit niet alleen. Hoe krijgen we het nou samen voor elkaar om die kansen te vergroten? Daar gaan we ons best voor doen!”


Schrijver en presentator Özcan Akyol vertelde hoe zijn eigen afkomst en onderwijsloopbaan hem het belang van kansengelijkheid hebben doen inzien. “Ik geloof niet dat iedereen in Nederland gelijke kansen heeft. Je hebt namelijk enorm veel mentale veerkracht en doorzettingsvermogen nodig om na een te laag schooladvies toch te komen waar je naartoe wil. Niet iedereen kan dit of wil dit. Dit is helaas een tijdloos verhaal, en we moeten elk kind blijven zien.”

Hans Spekman, die in de afgelopen vier als directeur van het Jeugdeducatiefonds de meest schrijnende situaties tegenkwam, wilde benadrukken hoe belangrijk de rol van de leerkracht kan zijn in het leven van een kind. “De thuissituatie heeft zoveel invloed op kinderen die misschien wel veel meer in hun mars hebben dan wat er nu uitkomt. Het moet onze ambitie zijn om het verschil te maken. Wij moeten deze kinderen langdurig ongelijk gaan behandelen om uiteindelijk gelijke kansen te gaan creëren.”

Adjunct hoogleraar Onderwijswetenschappen Hanke Korpershoek gaf een statistische blik op de cijfers over onder- en overadvisering en het wezenlijke belang van de vergroting van de wereld van onze kinderen. “Als je leerlingen gelijke kansen wilt geven, dan moet je twee dingen doen. Allereerst begrijpend lezen en rekenvaardigheid stimuleren. Onderzoek laat namelijk zien dat elke leerling met havo-advies, die goed is in begrijpend lezen, relatief veel minder kans heeft om af te stromen. Ten tweede moeten we de leerlingen in aanraking laten komen met alles wat belangrijk kan zijn voor hun ontwikkeling ter vergroting van hun sociaal en cultureel kapitaal. Bied je eigen sociale kapitaal aan, want jullie zijn een belangrijk onderdeel van hun netwerk.”

Martine van der Pluijm is werkzaam voor de organisatie Thuis in Taal, die ondersteuning biedt in de taalontwikkeling bij kinderen. Zij ziet veel heil in het interprofessioneel werken om zo kinderen gelijke kansen te kunnen bieden. “Zo kun je als leerkracht inspelen op de thuissituatie van een kind met iemand die hier een eigen specialisme aan toevoegt, zoals bijvoorbeeld een sociaal werker. Je kunt elkaar aanvullen en inspireren vanuit je competenties.”


Meindert Joostens is wethouder in de gemeente Eemsdelta en heeft o.a. Onderwijs in zijn pakket. “Wanneer je pas naar kansenongelijkheid gaat kijken in het primair onderwijs, dan loop je in principe al achter. Op de kinderopvang en het consultatiebureau moeten we ook al gaan signaleren. In de gemeente Eemsdelta heeft 18% van de inwoners te kampen met taalachterstand. We hebben we beschikking over taalcoördinatoren en moeten ons er goed van bewust zijn dat we die ook kunnen inzetten.”

Adolf Godlieb is de betrokken directeur van Kindcentrum Noord, die zich al jaren hard maakt voor betere kansen voor de kinderen in deze regio. “De beschikbare middelen om armoede te bestrijden moeten beter worden verdeeld, zodat elk kind hier ook daadwerkelijk toegang toe heeft. Dan kunnen deze kinderen echt gaan groeien en krijgen ze betere kansen.”


Drie oud-leerlingen van Allan Varkevisser aan de Farmsumerborg deelden de roerende verhalen over hun onderwijsloopbaan. Lucas Fernandinus kreeg door ingrijpende persoonlijke omstandigheden het advies vmbo-kb en is nu bezig met zijn master klinische neuropsychologie aan de RUG. “Ik heb me zo ontwikkeld dat ik toch mijn dromen en ambities mag waarmaken.”

Anahid Isrealian vertelde hoe structureel pesten haar enorm onzeker had gemaakt. De faalangstcoach die Allan voor haar regelde, veranderde haar leven. Van een advies vmbo-kgt werkte zij zich op naar de hbo-studie rechtsgeleerdheid, waar ze nu met veel enthousiasme mee bezig is. “Men onderschat de rol van de opvoeding die leerlingen meekrijgen. Het gaat niet altijd om wat je van thuis uit mee krijgt, ook wat er op de basisschool gebeurt is zo belangrijk. Het is fijn als een leerkracht signaleert dat er iets is en hier ook middelen voor kan inzetten om je te helpen, zoals bij mij.”

Mathias Jansema voelde zich helemaal thuis op de Farmsumerborg, vooral bij Allan in de klas. Na een vervelende periode in het voortgezet onderwijs besloot hij dat hij het onderwijs in wilde om kinderen met vergelijkbare problemen als dyslexie te kunnen helpen. “Na het behalen van mijn diploma voor onderwijsassistent ben ik direct naar Allan gegaan. Dankzij hem sta ik waar ik nu sta. En door de luisterende oren in mijn moeilijke tijden gaat het een stuk beter met me.”


Allan Varkevisser (links) met zijn 3 oud leerlingen

Het onderwerp kansenongelijkheid kwam tijdens de hele dag op verschillende manieren aan de orde. De combinatie van persoonlijke verhalen, afgewisseld met wetenschappelijk onderzoek, gaf diepte aan het thema.


Het vervolg

Leonie Korteweg, mede-organisator en algemeen adjunct-directeur van Marenland: “Met deze onderwijsdag hebben we geprobeerd inzicht te geven in hoe we de afkomst van een kind laten meewegen in het onderwijsaanbod en de manier waarop we leerlingen benaderen. Het meest zichtbaar is dit in het schooladvies en de verwijzing naar het vervolgonderwijs. Bewustwording is de eerste stap om een einde te maken aan deze kansenongelijkheid.”


Allan Varkevisser, leerkracht aan de Farmsumerborg: “Tot voor kort dacht bijna iedereen dat het wel goed zou komen als er op school gewoon wat meer aandacht zou worden gegeven aan bepaalde groepen leerlingen. Maar het vraagstuk is veel breder dan dat; leerkrachten moeten samenwerken met ouders en o.a. de gemeente om hun kinderen zo goed mogelijk te helpen kansen te creëren en te pakken. Alleen een brede aanpak heeft kans van slagen.”


Deze Onderwijsdag werd mogelijk gemaakt door Kansrijke Groningers, de Gelijke Kansen Alliantie, Marenland en Noordkwartier.

85 weergaven